Meubileringskosten en servicekosten: wat mag de verhuurder rekenen?

Meubileringskosten en servicekosten: wat mag de verhuurder rekenen?

Controleer meubileringskosten, stoffering en gebruiksvergoeding. Lees hoe facturen, levensduur en afschrijving het redelijke bedrag bepalen.
Bijgewerkt juli 2026

Betaal je iedere maand voor een bank, bed, gordijnen, vloer of apparaten? Dan mag je verhuurder niet zomaar een vast bedrag blijven rekenen. Meubileringskosten moeten passen bij de waarde en leeftijd van de spullen en terugkomen op de jaarlijkse servicekostenafrekening.

Kort antwoord: een verhuurder mag een gebruiksvergoeding rekenen voor losse meubels, stoffering en apparaten die bij de woning horen. Voor vaste onderdelen van de woning mag dat meestal niet. Vraag altijd om de inventarislijst, aankoopfacturen, ouderdom en berekening. Zonder die gegevens kan de vergoeding veel te hoog zijn.
Meubileringskosten en servicekosten controleren met meubels stoffering apparaten levensduur en aankoopfacturen
Bij meubileringskosten tellen niet alleen de aanschafprijs, maar ook de leeftijd, levensduur en vraag of iets los of vast onderdeel van de woning is.

Welke meubels mogen onder de servicekosten vallen?

Meubileringskosten zijn geen extra kale huur. Het gaat om een vergoeding voor het gebruik van spullen die eigendom blijven van de verhuurder. In het Beleidsboek Servicekosten noemt de Huurcommissie dit roerende zaken: spullen die zonder belangrijke schade kunnen worden weggehaald.

Meestal roerend

Denk aan een bed, tafel, bank, losse kast, gordijnen, tapijt, los laminaat, lampen, koelkast, wasmachine of magnetron. Voor deze spullen kan een redelijke gebruiksvergoeding worden berekend.

Meestal onroerend

Inbouwapparatuur, radiatoren, de cv-installatie en een tegelvloer zijn normaal onderdeel van de woning. De kosten daarvan worden geacht in de kale huurprijs te zitten.

De inventarislijst telt

Een regel “meubilering € 150 per maand” is niet genoeg om de redelijkheid te controleren. Er moet duidelijk zijn welke spullen zijn geleverd, hoe oud ze zijn en welke waarde de verhuurder gebruikt.

Werkelijke levering telt

Staat een voorwerp wel op de lijst maar niet in de woning? Of was het bij aanvang al kapot? Leg dit vast met foto’s en de incheckrapportage. Dat bewijs kan later belangrijk zijn.

Hoe berekent de Huurcommissie de gebruiksvergoeding?

De aankoopwaarde is het startpunt. Daarna wordt gekeken naar de verwachte levensduur. Bij veel meubels en andere roerende zaken is dat vijf jaar. Voor huishoudelijke apparaten en laminaat die voor één woning bestemd zijn, wordt vaak tien jaar gebruikt. De Huurcommissie kan hiervan afwijken als de kwaliteit of feitelijke levensduur daar aanleiding toe geeft.

Verwachte levensduur Gebruikelijke jaarvergoeding Voorbeelden
5 jaar 20% van de waarde per jaar Veel meubels, gordijnen en overige losse inboedel
10 jaar 10% van de waarde per jaar Koelkast, wasmachine, technische apparaten en laminaat voor één woning
Na de eerste levensduur Nieuwe waardebepaling nodig Vaak wordt 60% van de oorspronkelijke waarde als uitgangspunt genomen als de zaak nog waarde heeft

Rekenvoorbeeld met gordijnen

Gordijnen kosten volgens de factuur € 300 en hebben een geschatte levensduur van vijf jaar. De jaarlijkse vergoeding is dan 20% van € 300: € 60 per jaar, oftewel € 5 per maand. Zijn de gordijnen na vijf jaar nog bruikbaar, dan kan een herwaardering volgen. Zijn ze versleten en zonder waarde, dan hoort de vergoeding te stoppen.

Een maandbedrag kan dus alleen worden beoordeeld als je weet welke spullen erin zitten. Gebruik eventueel de servicekosten calculator als eerste controle, maar vraag daarna altijd de onderliggende stukken op.

Wat als de verhuurder geen facturen van de meubels heeft?

Geen factuur betekent niet automatisch dat de hele post vervalt. Dit is een belangrijk verschil. Als de verhuurder wel laat zien welke meubels aanwezig zijn, wanneer ze ongeveer zijn gekocht en wat hun staat is, kan de waarde worden geschat. Het gaat dan om de verkoopwaarde aan het begin van het betreffende boekjaar.

Zijn er ook geen bruikbare gegevens over de samenstelling van de inventaris, dan vermeldt het Beleidsboek Servicekosten een wettelijk standaardbedrag van € 12 per jaar voor roerende zaken. Dat is iets heel anders dan jarenlang een hoog vast maandbedrag zonder uitleg.

Praktisch: betwist niet alleen dat het bedrag “hoog voelt”. Vraag gericht om de aankoopfacturen, inventarislijst, ouderdom, gebruikte levensduur en berekening. Leg ook uit welke spullen ontbreken, kapot of al afgeschreven zijn.

Stofferingskosten voor vloer, gordijnen en apparaten

Bij stofferingskosten ontstaat vaak discussie over de grens tussen los en vast. Een los te verwijderen laminaatvloer kan roerend zijn. Een tegelvloer of een vastgelijmde vloer die niet zonder betekenisvolle schade kan worden verwijderd, is meestal onderdeel van de woning. Voor zo’n vast onderdeel hoort geen aparte gebruiksvergoeding via de servicekosten te worden gerekend.

Hetzelfde verschil speelt bij apparatuur. Een losse koelkast of wasmachine kan onder de roerende zaken vallen. Een ingebouwde oven, vaste cv-installatie of radiator hoort doorgaans bij de woning. Kijk dus niet alleen naar de naam op de afrekening, maar naar wat er feitelijk in de woning staat en hoe het is bevestigd.

Ook onderhoud en vervanging moeten goed worden onderscheiden. De gebruiksvergoeding is geen vrij bedrag waarmee de verhuurder winst mag maken. Servicekosten moeten aansluiten bij werkelijke en redelijke kosten. Lees voor het bredere overzicht ook wat onder servicekosten bij een huurwoning valt.

De jaarafrekening moet meubels apart controleerbaar maken

De verhuurder moet ieder jaar uiterlijk zes maanden na afloop van het kalenderjaar een overzicht van de servicekosten geven. Voor kalenderjaar 2025 was dat dus uiterlijk 30 juni 2026. Op het overzicht moeten de werkelijke kosten, betaalde voorschotten en het verschil staan.

Bij meubels wil je daarnaast kunnen zien hoe de maandelijkse vergoeding is opgebouwd. Vraag daarom om een berekening per groep of voorwerp. Krijg je helemaal geen afrekening of komt deze veel te laat, bekijk dan het stappenplan voor een afrekening servicekosten die te laat is.

Let op bij vrije sector: voor contracten die op of na 1 juli 2024 zijn gesloten, kan de Huurcommissie ook bij vrije-sectorwoningen een uitspraak over servicekosten doen. Bij oudere vrije-sectorcontracten hangt de route af van de afspraken in het contract en kan beoordeling door de kantonrechter nodig zijn.

Zo controleer je meubileringskosten stap voor stap

  1. Splits de bedragen. Noteer kale huur, voorschot servicekosten en het aparte bedrag voor meubels of stoffering.
  2. Maak je eigen inventaris. Fotografeer de meubels, apparaten en vloer. Noteer wat ontbreekt, beschadigd of versleten is.
  3. Vraag de onderbouwing op. Vraag om aankoopfacturen, aanschafdata, inventarislijst, levensduur en de berekening per jaar.
  4. Controleer los of vast. Bepaal welke spullen zonder schade kunnen worden verwijderd en welke onderdelen bij de woning horen.
  5. Vergelijk met de afrekening. Controleer of de vergoeding overeenkomt met de waarde, leeftijd en betaalde voorschotten.
  6. Laat twijfel beoordelen. Betaal niet blind door en stop ook niet eigenhandig met betalen. Laat eerst bepalen welke procedure en welk bewijs passen.

Zijn de meubileringskosten mogelijk te hoog?

Huurteam Nederland controleert niet alleen het maandbedrag, maar ook de inventaris, ouderdom, facturen, afschrijving en jaarafrekening. Zo wordt duidelijk of je geld kunt terugvragen en welke route bij jouw huurcontract past.

Laat de servicekostenafrekening controleren

Veelgestelde vragen over meubileringskosten

Mag mijn verhuurder kosten voor meubels rekenen?

Ja, voor losse meubels en andere roerende zaken mag een verhuurder een redelijke gebruiksvergoeding als servicekosten rekenen. Het moet gaan om spullen die daadwerkelijk ter beschikking zijn gesteld. De waarde, leeftijd, verwachte levensduur en onderbouwing bepalen welk bedrag redelijk is.

Hoe hoog mogen meubileringskosten zijn?

Er is geen vast maandbedrag voor iedere gemeubileerde woning. De Huurcommissie kijkt naar de waarde van de inventaris en de levensduur. Bij een levensduur van vijf jaar is de jaarlijkse vergoeding vaak 20 procent van de waarde; bij tien jaar meestal 10 procent.

Mag de verhuurder stofferingskosten voor een vloer rekenen?

Dat hangt af van de vloer. Los laminaat of tapijt kan een roerende zaak zijn. Een tegelvloer, vastgelijmde vloer of andere vloer die niet zonder betekenisvolle schade kan worden verwijderd, is meestal onderdeel van de woning en hoort dan niet als losse gebruiksvergoeding in de servicekosten.

Wat gebeurt er als de verhuurder geen aankoopfacturen heeft?

Zonder facturen is de meubelvergoeding niet automatisch nul. Als duidelijk is welke spullen aanwezig zijn, kan de waarde worden geschat. Zijn ook een inventarislijst, ouderdom en andere gegevens afwezig, dan kan de Huurcommissie voor roerende zaken uitgaan van een laag wettelijk standaardbedrag.

Moeten meubileringskosten ieder jaar worden afgerekend?

Ja, meubileringskosten zijn meestal onderdeel van de servicekosten. De verhuurder moet jaarlijks een overzicht sturen met de werkelijke kosten, betaalde voorschotten en het verschil. Je mag daarnaast inzage vragen in facturen, inventarislijsten en de berekening van de gebruiksvergoeding.

Mag een verhuurder oude meubels blijven doorberekenen?

Alleen als de meubels nog waarde hebben en de vergoeding opnieuw redelijk wordt bepaald. Na de eerste levensduur gebruikt de Huurcommissie doorgaans een herwaardering. Zijn de spullen versleten of vertegenwoordigen ze geen waarde meer, dan kan de gebruiksvergoeding op nul worden gesteld.

Vallen een koelkast en wasmachine onder meubileringskosten?

Losse huishoudelijke apparaten kunnen als roerende zaken onder de servicekosten vallen. De Huurcommissie gaat voor apparaten die voor één woning bestemd zijn vaak uit van een levensduur van tien jaar. Inbouwapparatuur is meestal onderdeel van de woning en hoort eerder bij de kale huur.

Kan ik meubileringskosten in de vrije sector laten controleren?

Dat hangt onder meer af van de startdatum van het huurcontract. Bij contracten vanaf 1 juli 2024 kan de Huurcommissie ook voor middenhuur en vrije sector een uitspraak over servicekosten doen. Bij oudere vrije-sectorcontracten gelden andere voorwaarden en kan de kantonrechter nodig zijn.

Welke stukken moet ik opvragen bij meubileringskosten?

Vraag om de inventarislijst, aankoopfacturen, aanschafdata, een berekening per voorwerp, de gebruikte levensduur en de jaarlijkse servicekostenafrekening. Maak daarnaast zelf foto’s van de meubels en noteer beschadigingen, ontbrekende spullen en de staat waarin je de woning kreeg.

Bronnen: Beleidsboek Servicekosten, versie juli 2026, en de actuele uitleg van de Huurcommissie. De uitkomst blijft afhankelijk van je contract, de feitelijke inventaris en het beschikbare bewijs.

Deel bericht:

Facebook
Twitter
LinkedIn

Meer nieuws:

Stuur ons een bericht

Huurteam Nederland maakt gebruik van cookies ten behoeve van Google Analytics.
Meer informatie